Algemeen -> Beroemde farmacologen
Beroemde Nederlandse farmacologen
Rudolf Magnus (1873-1927)
Als fysioloog en farmacoloog onderzocht Rudolf Magnus de fysiologie van de houding- en spierspanning en de effecten van narcotica en ook gifgassen op de longen. Hij bekleedde de eerste leerstoel farmacologie in Nederland en in 1927 volgde een nominatie voor de Nobelprijs. Die kon hem door zijn plotselinge overlijden echter niet worden toegekend. Als eerbetoon aan deze eminente geleerde doopte de Universiteit Utrecht het Farmacologisch Laboratorium in 1968 om tot het Rudolf Magnus Instituut voor Farmacologie. De naam werd in 1988 - met de komst van Willem Hendrik - veranderd in Rudolf Magnus Instituut voor Neurowetenschappen.
Everhardus J. Ariëns (1918-2002)
Een andere grote Nederlander, de chemicus en arts Everhardus Ariëns, wordt gezien als de grondlegger van de moleculaire werking van geneesmiddelen, de zogenoemde receptorkinetiek. Als hoogleraar in Nijmegen bestudeerde hij de principes van interactie tussen lichaamsvreemde stoffen (geneesmiddel) en de aangrijpingspunten ervan in het lichaam zelf (de receptoren). Ariëns was een leerling van Bijlsma, op zijn beurt de opvolger van Magnus. In 1954 werd hij hoogleraar farmacologie in Nijmegen.
David de Wied
(1925-2004)
David de Wied was de bedenker van het neuropeptidenconcept. Hij ontdekte dat kleine brokstukken van hormonen, neuropeptiden, een sterke en specifieke invloed hebben op hersenprocessen en het geheugen en aandacht beïnvloeden, en ook betrokken zijn bij psychiatrische en neurologische stoornissen. Dit concept opende de weg naar nieuwe ideeën over de moleculaire werking van de hersenen en daarmee de ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen tegen dergelijke aandoeningen. In 1963 werd hij hoogleraar farmacologie in Utrecht en won in 1996 de Dr. A.H. Heineken
prize for Medicine.
|